Entree-onderwijs en zijn studenten
Wie zijn Entree-studenten, met welke problemen krijgen zij te maken, en hoe beïnvloeden deze hun studievoortgang en kansen op werk? Ontdek welke belemmeringen zij ervaren in het onderwijs en op de arbeidsmarkt.
Bijdrage van Diana van Dijk (Hogeschool Rotterdam) , Rineke Keijzer (Hogeschool Rotterdam) Meer informatie
Gepubliceerd:
Wie zijn Entree-studenten, met welke uitdagingen hebben zij te maken, en wat betekent dit voor hun begeleiding? In dit overzichtsartikel lees je meer over de diverse groep jongeren en jongvolwassenen die deelnemen aan het Entree-onderwijs (mbo-1), en hoe hun persoonlijke omstandigheden, opleidingsachtergrond en ondersteuningsbehoeften hun leer- en loopbaantraject beïnvloeden.
Entree-studenten hebben vaak te maken met multiproblematiek en een beperkt sociaal netwerk. Hierdoor is hun positie op school en de arbeidsmarkt kwetsbaar, en vraagt hun begeleiding om maatwerk en nauwe samenwerking tussen onderwijs, zorg en praktijk.
Dit overzichtsartikel vormt samen met het artikel over werkzame elementen in de begeleiding van Entree-studenten een tweeluik. Samen geven ze inzicht in wie de studenten zijn, welke ondersteuning zij nodig hebben en wat effectief is in hun begeleiding richting vervolgonderwijs of werk.
Doel en opbouw Entree-onderwijs
Entree-onderwijs (mbo-1) bestaat sinds 2014 en is opgezet om jongeren zonder diploma in één jaar voor te bereiden op doorstroom naar mbo-2 of uitstroom naar werk. Studenten op alle niveaus van het mbo worden opgeleid door een combinatie van onderwijs en beroepspraktijkvorming (bpv).
Leerwegen en profielen binnen Entree
Binnen het mbo kunnen studenten kiezen uit twee leerwegen: de beroepsopleidende leerweg (bol) en de beroepsbegeleidende leerweg (bbl). Bij de bol brengt een student het grootste deel van de tijd op school door en doet daarnaast praktijkervaring op via stages. Bij de bbl werkt een student vooral in een bedrijf of organisatie en volgt daarnaast onderwijs om de benodigde kennis en vaardigheden op te doen. De meerderheid van de Entree-studenten (ongeveer twee derde) volgt de beroepsopleidende leerweg. Als in dit artikel wordt gesproken over Entree-studenten en hun begeleiders, heeft dat betrekking op zowel bol als bbl.
Entree-studenten kunnen kiezen uit negen uitstroomprofielen, zoals Assistent dienstverlening en zorg, Assistent verkoop/retail en Assistent horeca, voeding of voedingsindustrie. Groepen worden vaak ingedeeld op basis van deze uitstroomprofielen.
Entree-studenten: een heel diverse doelgroep
Begeleiders zullen ervaren dat de onderwijsachtergronden van Entree-studenten erg divers zijn. Ten eerste is er de groep die geen diploma in het voortgezet onderwijs heeft behaald en nog een kwalificatieplicht heeft (25 procent). Ten tweede is er een groep studenten van wie de vooropleiding onbekend is (21 procent). Dit zijn vaak oudere studenten van wie de vooropleiding niet geregistreerd is en statushouders van wie de vooropleiding onbekend is. Ten derde komt 19 procent uit het praktijkonderwijs. Voor hen biedt het Entree-onderwijs een kans om een mbo-diploma te behalen en door te stromen naar mbo-2. Ten vierde gaat het om studenten die een internationale schakelklas hebben gevolgd (19 procent). Tot slot komt 15 procent uit het voortgezet speciaal onderwijs
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Begeleiders herkennen wellicht ook dat sommige studenten te maken hebben met complexe problemen op meerdere gebieden in hun leven, waarvoor zij ondersteuning nodig hebben
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
In vergelijking met andere opleidingsniveaus ervaren Entree-studenten vaker problemen op meerdere leefgebieden, zoals leerachterstanden, psychische problemen, schulden en taalachterstanden
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Daarnaast komen ook dakloosheid, huiselijk geweld en criminaliteit voor
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Begeleiding en samenwerking
Voor deze complexe problematiek werken verschillende begeleiders met elkaar samen, binnen het onderwijs en met externe partners. De aanwezigheid van problemen op meerdere leefgebieden kan het mentale welzijn van deze groep studenten negatief beïnvloeden
Dibi, S., Asamoah, P., de Haan, A., & van Loenen, T. (2022). Een verkenning: Welbevinden in het mbo, entree en niveau 2. Trimbos-instituut.
Om rekening te houden met problematiek op meerdere leefgebieden, zijn de Entree-klassen kleiner dan reguliere mbo-klassen: gemiddeld 15 studenten, wat meer aandacht per student mogelijk maakt.
Extra ondersteuning via Entreeplus-groepen
Voor studenten met extra ondersteuningsbehoeften zijn er Entreeplus-groepen, die nog kleiner zijn en meer begeleiding bieden. De Entreeplus-groepen zijn er bijvoorbeeld voor studenten die moeite hebben met leren of dagstructuur, die langere tijd niet naar school zijn geweest, studenten met serieuze gedragsproblematiek of nieuwkomers. In deze aparte klassen kan de begeleiding zo goed mogelijk worden afgestemd op hun behoeften. De Entreeplus-groepen bieden intensievere begeleiding
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Hieronder gaan we dieper in op twee groepen Entree-studenten met specifieke ondersteuningsbehoeften:
Nieuwkomers
Binnen de Entree-opleidingen is sprake van een groeiende groep anderstalige studenten: 36 procent bestaat uit nieuwkomers die korter dan vier jaar in Nederland zijn en van wie zowel zijzelf als hun ouders niet in Nederland zijn geboren
Inspectie van het Onderwijs. (2020). De Staat van het Onderwijs 2020.
Zij lopen vaak tegen bepaalde specifieke uitdagingen aan zoals verminderde taal- en studievaardigheden, belemmeringen in doorstroom en verminderde toegang tot steunnetwerken en middelen. Vaak is er voor deze groep extra ondersteuning via aangepaste programma’s.
Verminderde taal en studievaardigheden en belemmeringen in doorstroom
Om te beginnen hebben jonge nieuwkomers begeleiding nodig bij het verbeteren van hun taal- en studievaardigheden, zodat zij zich beter kunnen oriënteren in het Nederlandse schoolsysteem
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
Ook is het belangrijk dat nieuwkomers ondersteuning krijgen bij het vinden van een passende opleiding die leidt tot een startkwalificatie. In de internationale schakelklassen (ISK) is hier niet altijd voldoende aandacht voor (
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
). Bovendien verloopt de overstap van de ISK naar het mbo stroef
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
Zo moeten studenten nog wennen aan het Nederlandse schoolsysteem, waarin redelijk veel zelfstandigheid van hen wordt verwacht.
Vanwege het vereiste taalniveau stromen de meeste jonge nieuwkomers in bij de Entree-opleiding
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS)].
Hoewel zij cognitief in staat kunnen zijn om een hoger onderwijsniveau te bereiken, wordt vaak aangenomen dat instroom op een hoger niveau niet haalbaar is vanwege de lage beheersing van de Nederlandse taal
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Daarbij speelt mee dat hun in het land van herkomst behaalde diploma in Nederland niet wordt erkend
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Tot slot lopen nieuwkomers tegen een aantal belemmeringen aan bij de doorstroom naar mbo-2. Daar krijgen studenten minder intensieve begeleiding dan in de speciale Entreeplus-klassen
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Onvoldoende steun
Jonge nieuwkomers hebben vaak onvoldoende toegang tot steunnetwerken of andere belangrijke middelen
Sleijpen, M., Boeije, H. R., Kleber, R. J., & Mooren, T. (2016). Between power and powerlessness: A meta-ethnography of sources of resilience in young refugees. Ethnicity & Health, 21(2), 158–180. [https://doi.org/10.1080/13557858.2015.1044946]
wat het risico op uitval uit het entreeonderwijs vergroot. Ook ontbreekt het hen vaak aan een thuisgevoel binnen de school, wat kan leiden tot gevoelens van uitsluiting
van Dijk, D., & Kooiman, A. (2023). You have to fight to get there: An exploratory study into the experiences of refugee-background students in higher education. Journal of Social Intervention: Theory and Practice, 32(2). [https://doi.org/10.54431/jsi.737]
Extra ondersteuning via aangepaste programma’s
Sommige mbo-instellingen bieden een speciaal programma voor anderstaligen aan, zoals Entreeplus of Entree-Taal
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Deze programma’s richten zich op het verbeteren van taal- en studievaardigheden en bieden intensieve individuele begeleiding. Ze duren vaak langer (anderhalf jaar) dan de reguliere Entree-opleiding en de studiebelasting is zwaarder door extra lesuren
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Oudere Entree-studenten
Oudere Entree-studenten zijn in alle Entree-klassen te vinden en vormen dus geen zichtbare aparte groep. Toch is het belangrijk om rekening te houden met deze oudere Entree-studenten. Zij verschillen van jongere studenten in cognitieve vaardigheden en lopen een hoger risico op kwetsbaarheid. Ook zijn het er relatief veel: van de studenten die in 2021-2022 met een Entree-opleiding startten, was één op de tien ouder dan 30 jaar en nog eens 10 procent tussen de 23 en 30 jaar. Ongeveer een derde was tussen de 18 en 22 jaar, en bijna de helft was 16 of 17 jaar oud
Mulder, J. (2023). Studiesucces van mbo entreestudenten: Cijfers en feiten. [MBO Raad].
Lees ook
Overzichtsartikel Werkzame elementen in de begeleiding van Entree-studenten
Verschil in non-cognitieve vaardigheden
Voor hun ontwikkeling op het gebied van schoolprestaties is het relevant te wijzen op recent onderzoek waaruit blijkt dat non-cognitieve vaardigheden, zoals motivatie en zelfregulatie, vanaf ongeveer 16 jaar evenveel bijdragen aan schoolprestaties als cognitieve vaardigheden, zoals leervermogen en abstract redeneren
Malanchini, M., Allegrini, A. G., Nivard, M. G., Biroli, P., Rimfeld, K., Cheesman, R., ... & Plomin, R. (2024). Genetic associations between non-cognitive skills and academic achievement over development. Nature Human Behaviour. [https://doi.org/10.1038/s41562-024-01967-9]
Dit kan worden gezien als een kans voor het Entree-onderwijs, omdat motivatie en zelfregulatie beïnvloedbaar zijn door begeleiders.
Oudere studenten vaak nog kwetsbaarder
Voor Entree-studenten – een groep die sowieso al gekenmerkt wordt door een hoge mate van kwetsbaarheid – neemt het risico op kwetsbaarheid toe naarmate zij ouder worden, bijvoorbeeld door criminaliteit en jong ouderschap
Herrera, C., DuBois, D. L., & Grossman, J. B. (2013). The role of risk: Mentoring experiences and outcomes for youth with varying risk profiles. MDRC.
Om in de begeleiding goed te kunnen inspelen op hun specifieke behoeften, richten sommige mbo-scholen daarom een zogenoemde moederklas in. De begeleider, docenten en andere professionals die met deze klas te maken hebben, houden dan rekening met bijvoorbeeld afwezigheid door een ziek kind
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Begeleiding van Entree-studenten
In dit artikel gebruiken we de term ‘begeleider’ als verzamelnaam voor alle professionals die betrokken zijn bij de begeleiding van Entree-studenten. Dit kunnen bijvoorbeeld docenten, mentoren, studieloopbaanbegeleiders, schoolmaatschappelijk werkers, zorgcoördinatoren of externe professionals zijn. Wanneer een student ondersteuning nodig heeft die deze begeleiders niet kunnen bieden, wordt via de zorgcoördinator gespecialiseerde hulp ingeschakeld. In dat geval wordt een extra begeleider betrokken, die de student gedurende korte of langere tijd ondersteunt
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
De begeleiding richt zich in het algemeen op drie belangrijke ontwikkelingsaspecten: de studievoortgang en voorbereiding op de vervolgstap na de Entree-opleiding; de persoonlijke ontwikkeling, groei en loopbaanoriëntatie; en de zorgvraag van studenten
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Verschillende professionals zijn actief binnen deze domeinen van begeleiding. Dit vraagt om een goede samenwerking.
Lees ook
Overzichtsartikel Werkzame elementen in de begeleiding van Entree-studenten
Studieloopbaanbegeleider of mentor
Een mentor of studieloopbaanbegeleider (SLB’er) is meestal het aanspreekpunt voor de student. De mentor onderhoudt contact met studenten, bewaakt de studievoortgang, coördineert de extra ondersteuning, communiceert met het team en onderhoudt het contact met de beroepspraktijkvorming
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Een BPV-begeleider begeleidt de student in de beroepspraktijkvorming, voert begeleidingsgesprekken met de student en voortgangsgesprekken bij stageplekken. De praktijkbegeleider van het leerbedrijf begeleidt de Entree-student bij dagelijkse werkzaamheden en BPV-opdrachten. Een zorgmedewerker biedt begeleiding bij zorgbehoeften die de studievoortgang belemmeren en verwijst door naar meer specialistische hulp indien nodig.
Lees ook
Themapagina over Loopbaanontwikkeling en -begeleiding
Begeleiding op de stage
De Entree-opleiding bestaat voor een aanzienlijk deel uit stage. Zowel op school als bij het leerbedrijf worden studenten begeleid. De begeleider die op school een centrale rol speelt, is de mentor of de studieloopbaanbegeleider (de benamingen verschillen per roc, maar het gaat om de begeleider die het meest intensief contact onderhoudt met de student en met andere betrokken begeleiders). Bij een leerbedrijf is dat de stagebegeleider of praktijkbegeleider. Voor Entree-studenten zijn begeleiders vanuit het onderwijs en het leerbedrijf belangrijk: zij ondersteunen de Entree-student bij het uitvoeren van respectievelijk school- en stageopdrachten.
Lees ook
Themapagina Begeleiden en beoordelen van studenten op de werkplek
Samenwerking tussen de begeleiding van de onderwijsinstelling en hulpverlening
Over effectieve samenwerking tussen diverse professionals die Entree-studenten begeleiden is recent onderzoek verricht naar Kansrijk Entree
Kansrijke Entree. (2024). Projectpagina Kansrijke Entree. Hogeschool Rotterdam.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Daaruit bleek dat voor effectieve samenwerking tussen partijen die betrokken zijn bij integrale begeleiding van Entree-studenten, werkzame elementen zijn aan te wijzen. Werkzame elementen zijn:
- een gedeeld beeld vormen van een student;
- aansluiten bij de leerbehoeften en interesses van een student;
- afspraken maken over regievoering en verantwoordelijkheid;
- duidelijkheid verkrijgen over de pedagogische aanpak;
- elkaar informeren.
Op verschillende roc, waar wordt samengewerkt met partners uit de hulpverlening om studenten beter te ondersteunen, wordt gebruikgemaakt van de methode Klas als Werkplaats
van de Ven, H., Donker, A., Wesseling, W., van de Haterd, J., de Jong, E., Metwally, L., & van As, A. (2023). Succesvolle aanpakken mbo-studenten in kwetsbare posities: Een literatuurverkenning naar werkzame elementen. NJi/ECBO.
Bij de Klas als Werkplaats-methodiek werkt de mentor in duo samen met een vaste extra begeleider gedetacheerd vanuit een zorginstelling. Hoe dit er in de praktijk uitziet, zie je in de onderstaande video:
Geraadpleegde bronnen
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Dibi, S., Asamoah, P., de Haan, A., & van Loenen, T. (2022). Een verkenning: Welbevinden in het mbo, entree en niveau 2. Trimbos-instituut.
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Inspectie van het Onderwijs. (2020). De Staat van het Onderwijs 2020.
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De Staat van het Onderwijs 2024.
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS)].
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Sleijpen, M., Boeije, H. R., Kleber, R. J., & Mooren, T. (2016). Between power and powerlessness: A meta-ethnography of sources of resilience in young refugees. Ethnicity & Health, 21(2), 158–180. [https://doi.org/10.1080/13557858.2015.1044946]
van Dijk, D., & Kooiman, A. (2023). You have to fight to get there: An exploratory study into the experiences of refugee-background students in higher education. Journal of Social Intervention: Theory and Practice, 32(2). [https://doi.org/10.54431/jsi.737]
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
de Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Uitgever onbekend].
Mulder, J. (2023). Studiesucces van mbo entreestudenten: Cijfers en feiten. [MBO Raad].
Malanchini, M., Allegrini, A. G., Nivard, M. G., Biroli, P., Rimfeld, K., Cheesman, R., ... & Plomin, R. (2024). Genetic associations between non-cognitive skills and academic achievement over development. Nature Human Behaviour. [https://doi.org/10.1038/s41562-024-01967-9]
Herrera, C., DuBois, D. L., & Grossman, J. B. (2013). The role of risk: Mentoring experiences and outcomes for youth with varying risk profiles. MDRC.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Kansrijke Entree. (2024). Projectpagina Kansrijke Entree. Hogeschool Rotterdam.
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
van de Ven, H., Donker, A., Wesseling, W., van de Haterd, J., de Jong, E., Metwally, L., & van As, A. (2023). Succesvolle aanpakken mbo-studenten in kwetsbare posities: Een literatuurverkenning naar werkzame elementen. NJi/ECBO.
Uitdagingen van Entree-studenten op school en stage
Entree-studenten krijgen vaak te maken met specifieke uitdagingen tijdens hun opleidingstraject. Deze uitdagingen doen zich niet alleen voor in de klas, maar ook tijdens stages en in de ondersteuning vanuit hun sociale omgeving. We bespreken verschillende knelpunten die van invloed kunnen zijn op hun motivatie, leerproces en kans op studiesucces.
Onderwijsbehoeften en toekomstoriëntatie
Zo hebben Entree-studenten vaak moeite met zelfstandig werken, zijn ze minder kritisch ten opzichte van informatiebronnen, hebben ze weinig zicht op hun eigen capaciteiten en mogelijkheden, en zijn ze ook minder zeker over hun opleidingskeuzes en zoeken ze minder informatie om deze keuzes te onderbouwen
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Kennisrotonde. (2017). Wat zijn kenmerken van de mbo-populatie en presteren deze studenten beter wanneer de onderwijsaanpak wordt afgestemd op die kenmerken? Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek. https://www.kennisrotonde.nl/vraag-en-antwoord/kenmerken-mbo-leerlingen
Er is dus begeleiding nodig bij toekomstoriëntatie.
Lees ook
Themapagina over Loopbaanontwikkeling en -begeleiding
Aansluiting van het lesaanbod
Entree-studenten vinden het lesaanbod voor hen vaak niet uitdagend genoeg of vinden dat het niet aansluit bij hun interesses of leerdoelen, zoals de vaardigheden die nodig zijn voor het beroep dat zij willen uitoefenen. Daarnaast geven sommige Entree-studenten aan dat er op Entree-niveau (en mbo-niveau 2) weinig verschillende studierichtingen zijn. Hierdoor kiezen zij soms voor een opleiding die niet aansluit bij hun interesses, wat kan leiden tot minder motivatie
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Lees ook
Themapagina Differentiëren in het mbo
Moeilijkheden met het vinden van stage
Voor Entree-studenten is het vinden van een stageplek moeilijk, omdat het aanbod aan stageplaatsen beperkt is. Zij ervaren daarnaast weinig ondersteuning bij hun zoektocht naar een geschikte stageplek
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
ResearchNed. (2024). JOB monitor.
van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Het ontbreekt Entree-studenten vaak aan een sociaal netwerk dat daarbij kan ondersteunen
Baay, P. E., Buers, C. C. E., & Dumhs, L. (2014, September 1). School2Work: A longitudinal study of the transition from vocational education and training to the labour market in the Netherlands (Working paper). Utrecht University.
Beperkt sociaal kapitaal en sociale inclusie
Het belang van kansen via gezin, school en gemeenschap en ouderbetrokkenheid voor studiesucces blijkt uit het onderzoek naar mbo-studenten van
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Vormen van sociaal kapitaal die samenhangen met het (blijven) volgen van onderwijs en onderwijsresultaten zijn gezin, gemeenschap en ouders. Daarnaast zijn formele mentoren, zoals docenten of gemeenschapsleden, ook van belang om succes in het onderwijs te bevorderen. Dit is gerelateerd aan het gevoel erbij te horen in de samenleving en toegang te hebben tot middelen en kansen: sociale inclusie kan de negatieve impact van achterstanden op jongeren verminderen
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Aansluiting van school naar werk
Met het oog op arbeidsparticipatie is het behalen van een startkwalificatie belangrijk
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024b). Meer jongeren zonder startkwalificatie.
Dat is echter niet altijd genoeg. Niet alle jongeren redden het zelfstandig na het verlaten van school. Zij hebben ondersteuning nodig in de transitie naar werk. Met dat doel is een voorstel voor de wet Van school naar duurzaam werk ontwikkeld die op 1 januari 2026 moet ingaan
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.
Dit wetsvoorstel bestaat uit de volgende onderdelen:
Geraadpleegde bronnen
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.Kennisrotonde. (2017). Wat zijn kenmerken van de mbo-populatie en presteren deze studenten beter wanneer de onderwijsaanpak wordt afgestemd op die kenmerken? Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek. https://www.kennisrotonde.nl/vraag-en-antwoord/kenmerken-mbo-leerlingen
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
ResearchNed. (2024). JOB monitor.
van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Baay, P. E., Buers, C. C. E., & Dumhs, L. (2014, September 1). School2Work: A longitudinal study of the transition from vocational education and training to the labour market in the Netherlands (Working paper). Utrecht University.
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024b). Meer jongeren zonder startkwalificatie.
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.
Dit wetsvoorstel voorziet in verplichte aanvullende loopbaanbegeleiding voor kwetsbare jongeren tussen de 15 en 27 jaar, tot een jaar na diplomering of het verlaten van de school. Gemeenten krijgen hierbij een ondersteunende rol, en gemeenten en scholen worden verplicht samen te werken bij de totstandkoming en uitvoering van een regionaal programma. De wet regelt de wettelijke basis voor de hiervoor benodigde gegevensuitwisseling
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.
Bovendien biedt het kansen voor kwetsbare jongeren, zoals Entree-studenten. Het verdient aanbeveling om bij de invoering ervan een parallel lopend longitudinaal onderzoek in te stellen naar de ervaringen van studenten en loopbaanbegeleiders, en naar de effecten van de gezamenlijke inspanningen van de betrokken partijen.
Geraadpleegde bronnen
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.In het wetsvoorstel Van School naar Duurzaam Werk staat een belangrijke voorwaarde. Om de twee jaar durende individuele begeleiding van kwetsbare jongeren in de transitie van school naar werk succesvol te laten zijn, richten de maatregelen in de wet zich “met name op de samenwerking tussen het onderwijs- en arbeidsdomein, aangezien juist in de belangrijke overstap van school naar werk wettelijke belemmeringen voor een integrale en doorlopende aanpak bleken te bestaan”
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.
De betrokken partijen zijn het praktijkonderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs, gemeenten en het Doorstroompunt, waar jongeren tot 27 jaar zonder startkwalificatie terechtkunnen.
Geraadpleegde bronnen
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.Alternatief voor toeleiding naar diploma?
In het studiejaar 2022–2023 stroomde ongeveer 55 procent van de voormalig Entree-studenten zonder diploma uit op mbo-2-niveau
MBO Today. (2023). Schooluitval stijgt op alle mbo-niveaus.
Een dergelijke ervaring kan het zelfvertrouwen flink aantasten. Dit roept de vraag op of het behalen van een diploma altijd de meest zinvolle route is voor Entree-studenten. Een bredere benadering — gericht op weerbaarheid, wendbaarheid en zelfregie — kan minstens zo waardevol zijn voor een duurzame loopbaan die aansluit bij de mogelijkheden en wensen van het individu
Kuijpers, M., & Draaisma, A. (2020). Loopbaangericht leven lang ontwikkelen: Economisch en zingevingsperspectief voor nu en de toekomst. [Bijzondere leerstoel Leeromgeving en -loopbanen].
Als we écht maatwerk willen leveren, is het belangrijk om al vanaf de Entree-opleiding de route naar werk serieus te nemen. Tegelijkertijd is meer onderzoek nodig naar de context van het Nederlandse Entree-onderwijs: hoe ervaren studenten en hun begeleiders het zoeken en vinden van werk, en welke invloed heeft dit op de lange termijn, vooral voor (voormalig) Entree-studenten zonder startkwalificatie?
Jongeren zonder school, werk, training of ander vormingsprogramma (NEET)
Er is weinig wetenschappelijke literatuur over Entree-studenten. Een doelgroep waarover veel internationale publicaties bestaan en die deels vergelijkbare kenmerken heeft, zijn NEET-jongeren (15-26 jaar)
Bäckman, O., & Nilsson, A. (2016). Long-term consequences of being not in employment, education or training as a young adult: Stability and change in three Swedish birth cohorts. European Societies, 18(2), 136–157. [https://doi.org/10.1080/14616696.2016.1153699]
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. [https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en]
van Vugt, L. L. J. (2023). Different NEETs, different needs?: Explaining why vulnerable young people are more likely to become NEET [Master’s thesis, Maastricht University].
NEET staat voor ‘Not in Employment, Education or Training’, oftewel jongeren die geen onderwijs volgen, geen werk hebben en ook niet deelnemen aan trainingen of andere vormingsprogramma's. Net als een deel van de Entree-studenten bevinden zij zich in kwetsbare omstandigheden, hebben ze complexe ondersteuningsbehoeften en ervaren zij aanzienlijke belemmeringen bij de overgang naar werk of vervolgonderwijs. Verder profiteren ze beiden van een integrale begeleiding en gerichte interventies om hun kansen te vergroten.
Lees ook
Overzichtsartikel Integrale aanpak studentenwelzijn
NEET in cijfers
In 2023 waren er in Nederland 101.000 jongeren tussen de 15 en 27 jaar die geen onderwijs volgden en geen werk hadden, zogenoemde NEET's. Dit aantal komt overeen met 4 procent, het laagste percentage binnen de EU. De meerderheid van hen was ouder dan 18 jaar
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024a). Jaarrapport Landelijke Jeugdmonitor 2024.
Van deze groep hadden 44.000 geen startkwalificatie. Een startkwalificatie is belangrijk om werk te hebben: in het tweede kwartaal van 2024 had 90 procent van de jongeren met een startkwalificatie werk, tegenover 69 procent van de jongeren zonder startkwalificatie
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024b). Meer jongeren zonder startkwalificatie.
Mentale gezondheid als risicofactor voor uitval
Uit een grootschalige reviewstudie van
Gariépy, G., Danna, S. M., Hawke, L., Henderson, J., & Iyer, S. N. (2022). The mental health of young people who are not in education, employment, or training: A systematic review and meta-analysis. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology, 1–15. [https://doi.org/10.1007/s00127-021-02212-8]
blijkt dat het raadzaam is aandacht te hebben voor jongeren die problemen hebben met hun mentale gezondheid en hun drugsgebruik, omdat deze problemen voorlopers kunnen zijn van NEET. De auteurs bepleiten daarom vroege interventies voor deze problemen, samen met loopbaanbegeleiding.
Effectieve aanpakken: leerwerkervaring en begeleiding
Voor de NEET-doelgroep blijkt een combinatie van werkervaring en formeel onderwijs het meest effectief. Leerwerkervaringsplaatsen (internships) bieden jongeren de mogelijkheid om langdurige contacten op te bouwen met één werkgever, wat vooral belangrijk is voor jongeren met een lagere opleiding. Deze combinatie van formeel onderwijs en werkervaring draagt bij aan de ontwikkeling van zowel cognitieve als niet-cognitieve vaardigheden
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en
van Vugt, L. L. J. (2023). Different NEETs, different needs?: Explaining why vulnerable young people are more likely to become NEET [Master’s thesis, Maastricht University].
Een voorbeeld van een succesvolle aanpak waarin deze elementen samenkomen, is het werkgarantieprogramma in Zweden voor 16-25-jarigen die minimaal drie maanden werkloos waren. Dit programma omvatte begeleiding en coaching, gecombineerd met stages en andere vormen van werkervaring. De 24-jarigen profiteerden van het werkgarantieprogramma doordat zij sneller een baan vonden dan oudere werklozen
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. [https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en]
Deze stages zijn vergelijkbaar met die van de Entree-programma’s.
Geraadpleegde bronnen
MBO Today. (2023). Schooluitval stijgt op alle mbo-niveaus.Kuijpers, M., & Draaisma, A. (2020). Loopbaangericht leven lang ontwikkelen: Economisch en zingevingsperspectief voor nu en de toekomst. [Bijzondere leerstoel Leeromgeving en -loopbanen].
Bäckman, O., & Nilsson, A. (2016). Long-term consequences of being not in employment, education or training as a young adult: Stability and change in three Swedish birth cohorts. European Societies, 18(2), 136–157. [https://doi.org/10.1080/14616696.2016.1153699]
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. [https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en]
van Vugt, L. L. J. (2023). Different NEETs, different needs?: Explaining why vulnerable young people are more likely to become NEET [Master’s thesis, Maastricht University].
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024a). Jaarrapport Landelijke Jeugdmonitor 2024.
Centraal Bureau voor de Statistiek. (2024b). Meer jongeren zonder startkwalificatie.
Gariépy, G., Danna, S. M., Hawke, L., Henderson, J., & Iyer, S. N. (2022). The mental health of young people who are not in education, employment, or training: A systematic review and meta-analysis. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology, 1–15. [https://doi.org/10.1007/s00127-021-02212-8]
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en
van Vugt, L. L. J. (2023). Different NEETs, different needs?: Explaining why vulnerable young people are more likely to become NEET [Master’s thesis, Maastricht University].
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. [https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en]
Baay, P. E., Buers, C. C. E., & Dumhs, L. (2014, September 1). School2Work: A longitudinal study of the transition from vocational education and training to the labour market in the Netherlands (Working paper). Utrecht University.
Bäckman, O., & Nilsson, A. (2016). Long-term consequences of being not in employment, education or training as a young adult: Stability and change in three Swedish birth cohorts. European Societies, 18(2), 136–157. https://doi.org/10.1080/14616696.2016.1153699
Carcillo, S., Fernández, R., Königs, S., & Minea, A. (2015). NEET youth in the aftermath of the crisis: Challenges and policies (OECD Social, Employment and Migration Working Papers, No. 164). OECD Publishing. https://doi.org/10.1787/5js6363503f6-en
CBS. (2024a). Jaarrapport Landelijke Jeugdmonitor 2024.
CBS. (2024b). Meer jongeren zonder startkwalificatie.
Dibi, S., Asamoah, P., De Haan, A., & Van Loenen, T. (2022). Een verkenning: Welbevinden in het mbo, entree en niveau 2. Trimbos-instituut.
Dopmeijer, J., Scheeren, L., Bremer, B., Sweijen, S., Schenk, L., & Krämer, T. (2024). Als je door de bomen het bos niet meer ziet: Verdiepend onderzoek naar de risicofactoren en oplossingen van prestatiedruk en stress bij mbo-studenten (TRI-62-058). Trimbos-instituut.
Gariépy, G., Danna, S. M., Hawke, L., Henderson, J., & Iyer, S. N. (2022). The mental health of young people who are not in education, employment, or training: A systematic review and meta-analysis. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology, 1–15. https://doi.org/10.1007/s00127-021-02212-8
Herrera, C., DuBois, D. L., & Grossman, J. B. (2013). The role of risk: Mentoring experiences and outcomes for youth with varying risk profiles. MDRC.
Inspectie van het Onderwijs. (2018). Themaonderzoek Entreeopleidingen: Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent.
Inspectie van het Onderwijs. (2020). De staat van het onderwijs 2020.
Inspectie van het Onderwijs. (2024). De staat van het onderwijs 2024.
Kansrijke Entree. (2024). Projectpagina Kansrijke Entree. Hogeschool Rotterdam.
Kennisrotonde. (2017). Wat zijn kenmerken van de mbo-populatie en presteren deze studenten beter wanneer de onderwijsaanpak wordt afgestemd op die kenmerken? Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek. https://www.kennisrotonde.nl/vraag-en-antwoord/kenmerken-mbo-leerlingen
Kuijpers, M., & Draaisma, A. (2020). Loopbaangericht leven lang ontwikkelen: Economisch en zingevingsperspectief voor nu en de toekomst. [Bijzondere leerstoel Leeromgeving en -loopbanen].
Malanchini, M., Allegrini, A. G., Nivard, M. G., Biroli, P., Rimfeld, K., Cheesman, R., ... & Plomin, R. (2024). Genetic associations between non-cognitive skills and academic achievement over development. Nature Human Behaviour. https://doi.org/10.1038/s41562-024-01967-9
MBO Today. (2023). Schooluitval stijgt op alle mbo-niveaus.
https://mbo-today.nl/schooluitval-stijgt-op-alle-mbo-niveaus/#:~:text=De%20stijging%20van%20de%20ongediplomeerde,5%20naar%20ruim%2041%20procent
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024). Nader rapport inzake het voorstel van wet van school naar duurzaam werk.
Mulder, J. (2023). Studiesucces van mbo entreestudenten: Cijfers en feiten. [Uitgever onbekend].
ResearchNed. (2024). JOB monitor. JongerenOrganisatie Beroepsonderwijs.
Sleijpen, M., Boeije, H. R., Kleber, R. J., & Mooren, T. (2016). Between power and powerlessness: A meta-ethnography of sources of resilience in young refugees. Ethnicity & Health, 21(2), 158–180. https://doi.org/10.1080/13557858.2015.1044946
Van de Ven, H., Donker, A., Wesseling, W., Van de Haterd, J., De Jong, E., Metwally, L., & Van As, A. (2023). Succesvolle aanpakken mbo-studenten in kwetsbare posities: Een literatuurverkenning naar werkzame elementen. NJi/ECBO.
Van Dijk, D. (2022). Working toward aspirations: How higher education learning-working trajectories for refugees in the Netherlands support work-related capabilities. Journal of Applied Research in Higher Education, 14(2), 917–929. https://doi.org/10.1108/JARHE-09-2020-0328
Van Dijk, D., Keijzer, R., Lohman, S., & Van der Aa, P. (2024). Kansrijke Entree: Passende begeleiding van Entree-studenten en effectieve samenwerking tussen hun begeleiders. Onderzoeksrapportage. Hogeschool Rotterdam.
Van Dijk, D., & Kooiman, A. (2023). You have to fight to get there: An exploratory study into the experiences of refugee-background students in higher education. Journal of Social Intervention: Theory and Practice, 32(2). https://doi.org/10.54431/jsi.737
Van Vugt, L. L. J. (2023). Different NEETs, different needs?: Explaining why vulnerable young people are more likely to become NEET [Master’s thesis, Maastricht University].
De Winter-Koçak, S., Yohannes, R., & Razenberg, I. (2021). Statushouders in het mbo: Onderwijsroutes, struikelblokken en goede voorbeelden van ondersteuning. [Kennisplatform Integratie & Samenleving].
Volledige referentie: Van Dijk, D., & Keijzer, R. (2025a). Entree-onderwijs en zijn studenten. Onderwijskennis.nl. Geraadpleegd van https://www.onderwijskennis.nl/node/6658
Korte verwijzing in de tekst: (Van Dijk & Keijzer, 2025a)
Meer informatie: bekijk de disclaimer.
Bijdrage van
Kenmerken
Sector
mboType
OverzichtsartikelGerelateerd in de kennisbank
Praktijkvoorbeeld
Casus beschrijvingen Begeleiding en Samenwerking
mboDownload van de Hogeschool RotterdamDeze casussen, over begeleiding en samenwerking rond Entree-studenten, zijn te gebruiken in de praktijk, zowel individueel als in team- of trainingsverband.
Overzichtsartikel
Werkzame elementen in de begeleiding van Entree-studenten
mboLees verderWat werkt in de begeleiding van Entree-studenten met multiproblematiek? Ontdek werkzame elementen voor onderwijs, zorg en praktijk.
Verdiepende bron
Rapport studiesucces van mbo-entreestudenten: Cijfers en feiten
mboDownload van de mbo raadDe Bedrijfstakgroep Entree liet onderzoek doen naar het studiesucces van entreestudenten op basis van onderwijsdata van schooljaar ’15-’16 tot en met ’21-’22.