Over de toolkits
De Toolkit Leren en Lesgeven en de Toolkit Jonge Kind zijn toegankelijke samenvattingen van aanpakken en interventies voor het onderwijs, op basis van internationaal, wetenschappelijke onderzoek voor het primair en voortgezet onderwijs.
Beide toolkits zijn ontwikkeld ter ondersteuning van leraren en schoolleiders, die beslissingen nemen over hoe ze de leerprestaties van leerlingen kunnen verbeteren, met name van leerlingen met een sociaaleconomische achterstand. Samen bevatten de toolkits ruim veertig aanpakken om het leren en lesgeven te verbeteren. Iedere aanpak is samengevat in:
- het gemiddelde effect op de leerprestaties in maanden leerwinst;
- de sterkte van het onderliggende bewijs (bewijskracht);
- de geschatte kosten van de aanpak.
De toolkits doen geen harde uitspraken over wat werkt om de leerresultaten op een bepaalde school te verbeteren, maar bieden kwalitatief hoogwaardige informatie over wat waarschijnlijk een positief effect zal hebben op basis van bestaand, internationaal bewijs.
De toolkits geven geen pasklare antwoorden en moeten dan ook niet als een opzichzelfstaand instrument worden gebruikt. Als je met de informatie in de toolkits tot een goed onderbouwde beslissing wilt komen over wat in jouw school het beste werkt, moet je ook je eigen expertise en professionele oordeel daarin meenemen.
De toolkits effectief gebruiken
- Vertrouw op je eigen professionele oordeel. De toolkits geven een samenvatting van het effect van aanpakken die in het verleden zijn getest. Het is essentieel dat je op jouw school kijkt naar de behoeften van jouw leerlingen en eventuele hindernissen waar ze tegenaan lopen, voordat je een aanpak kiest.
- Bekijk het bewijs, de kosten en het effect in onderlinge samenhang. Sommige aanpakken zijn misschien wel effectief, maar niet echt kosteneffectief. Van andere aanpakken is het totale effect misschien kleiner, maar het bewijs sterker.
- Kijk verder dan de samenvattende koptekst en denk na over wat er ‘achter het gemiddelde’ zit. Achter het gemiddelde van elke aanpak in de toolkits, zit een reeks verschillende effecten. De tekst in de toolkits beschrijft waarom effecten variëren en geeft aan wanneer het bewijs sterker is voor rekenen/wiskunde dan voor taal, of sterker is voor het primair dan voor het voortgezet onderwijs.
- Denk na over de principes van een goede toepassing. Het toepassen van een aanpak is geen eenmalige gebeurtenis en vraagt om een zorgvuldige planning en uitvoering. In de toolkits is een gedeelte gewijd aan het toepassen van de aanpak. Hierin worden de belangrijkste aspecten van de aanpak genoemd, die scholen bij toepassing ervan ter overweging kunnen nemen.
- Gebruik naast de toolkits ook andere bronnen. De toolkits zijn een samenvatting van bewijs afkomstig uit een breed scala aan bronnen. Deze vormen een goed uitgangspunt. Raadpleeg daarnaast ook andere bronnen.
Beperkingen van de toolkits
De toolkits geven een samenvatting van onderzoeken die in het verleden zijn uitgevoerd. De toolkits kunnen niet voorspellen hoe een aanpak op een bepaalde school of in een bepaalde klas wordt ontvangen. Met de slotjes (bewijskracht) proberen we de kwaliteit van het totale bewijs samen te vatten, waarbij we antwoord geven op de volgende vragen:
- Hoeveel onderzoeken zijn er en in hoeveel scholen zijn ze uitgevoerd?
- Hoe recent is het bewijs?
- Hoe dicht liggen de onderzoeken bij de reguliere lespraktijk?
- Hoeveel variatie zit er in de onderzoeksresultaten die in het onderzoek zijn verzameld?
- Zijn de onderzoeken onafhankelijk uitgevoerd en met een solide methodologie?
De slotjes geven een aanwijzing voor het ‘risico’ dat aan het bewijs is verbonden. Bij sommige onderwerpen in de toolkits heeft de bewijskracht de score ‘zeer beperkt’ gekregen en wordt geen aantal maanden leerwinst vermeld. Dit is omdat we er niet voldoende op vertrouwen dat de effectgrootte solide genoeg onderbouwd is. De slotjes geven dan wel de beperkingen van het bewijs aan, maar het blijft belangrijk om te bedenken dat al het onderzoek in de toolkits een beschrijving is van ‘wat heeft gewerkt’ en niet van ‘wat werkt’. Door inzicht te bieden in deze trends in eerder onderzoek, hopen we scholen meer informatie te geven over welke aanpakken veelbelovend zijn en welke risico’s met zich meebrengen.