Differentiatie tussen klassen

Geen effect tegen zeer lage kosten, op basis van zeer beperkt bewijs. Toelichting

Effect (in maanden)

0

Bewijs

Kosten

Wat is het?

De termen setting en streaming worden gebruikt voor verschillende aanpakken waarbij leerlingen van hetzelfde niveau bij elkaar in een groep zitten en samen les krijgen.

  • Setting (of vakniveaudifferentiatie) houdt in dat leerlingen van dezelfde leeftijd tijdens bepaalde vakken, zoals rekenen/wiskunde en Nederlands, bij elkaar zitten, maar niet bij alle vakken.
  • In het geval van streaming (in sommige landen ook wel tracking genoemd) worden leerlingen van een vergelijkbaar niveau bij elkaar in één klas (stream) geplaatst. Die leerlingen zitten dus altijd in dezelfde groep, ongeacht het vak.

Leerlingen in verschillende niveaus volgen soms een verschillend lesprogramma, zeker als er verschillende landelijke toetsen, verschillende examenniveaus of verschillende typen (theoretische of praktische) kwalificaties beschikbaar zijn. Het doel van deze onderverdeling naar niveau is om het onderwijs effectiever en efficiënter te maken, door het niveauverschil binnen een klas te beperken.

Deze aanpak wordt soms ‘differentiatie naar leervermogen’ genoemd, maar hier spreken we liever van ‘differentiatie naar leerprestaties’, omdat scholen hun groepsindeling doorgaans baseren op de gemeten leerprestaties op een bepaald moment en niet op de (intellectuele) capaciteiten van een leerling. In deze Toolkit hebben we setting en streaming samengenomen, omdat in beide gevallen leerlingen worden onderverdeeld in groepen van hetzelfde niveau.

Voor onderzoek naar differentiatie op grond van niveau binnen de klas, zie ook Differentiatie in de klas in deze Toolkit. Andere vormen van differentiatie op basis van niveau, zoals niveaugroepen met kinderen van verschillende leeftijden of een oplossing waarbij zeer goed presterende leerlingen les krijgen met oudere leerlingen, komen minder vaak voor en vallen daarom buiten het bereik van deze Toolkit.

Belangrijke bevindingen

  1. Het effect van differentiatie tussen klassen is gemiddeld nul maanden leerwinst, waarbij het effect voor minder goed presterende leerlingen negatiever is. Het bewijs voor differentiatie tussen klassen is zeer beperkt. Er zijn andere aanpakken die scholen kunnen overwegen om leerlingen effectief les te geven (bijvoorbeeld begeleiding in kleine groepen of een-op-een-begeleiding).
  2. Scholen die werken met differentiatie tussen klassen moeten ze goed nadenken over hoe ze er met deze aanpak voor zorgen dat alle leerlingen effectiever onderwijs krijgen, ook de minder goed presterende. Dan gaat het bijvoorbeeld om het toewijzen van de juiste leraren aan de verschillende groepen.
  3. Het is belangrijk dat alle leerlingen een uitdagend lesprogramma hebben, ook de leerlingen die minder goed presteren. Leerlingen leren in hun eigen tempo. Door de groepsindelingen flexibel te houden en de leerprestaties regelmatig te monitoren, wordt het risico dat leerlingen in de verkeerde groep zitten kleiner.
  4. De toewijzing van leerlingen aan groepen moet een weloverwogen besluit zijn. Er is bijvoorbeeld enig bewijs dat leerlingen worden benadeeld op basis van hun relatieve leeftijd binnen een jaargroep of onbewuste vooroordelen op grond van afkomst of sociaal-economische statuS. 

Hoe effectief is deze aanpak?

Gemiddeld is de vooruitgang van leerlingen die les krijgen op verschillende niveaus, dus via setting of streaming, vergelijkbaar met die van leerlingen in een klas met leerlingen van verschillende niveaus. Uit onderzoek blijkt dat setting en streaming een klein negatief effect heeft voor leerlingen die minder goed presteren, en een klein positief effect voor goed presterende leerlingen. Er zijn uitzonderingen, met enige variatie tussen onderzoeken. Over het algemeen is het effect verwaarloosbaar, en blijkt werken met niveaugroepen geen effectieve manier om de leerprestaties van de meeste leerlingen te verbeteren.

Werken in verschillende niveaus kan ook andere gevolgen hebben, bijvoorbeeld voor het zelfvertrouwen. Uit bredere onderzoeken komt naar voren dat differentiatie op basis van leerprestaties, op de langere termijn een negatief effect kan hebben op de houding en betrokkenheid van minder goed presterende leerlingen. Zij kunnen bijvoorbeeld ontmoedigd raken, omdat ze denken dat het geen zin heeft als ze goed hun best doen.

Een belangrijke factor bij werken met niveaugroepen is ervoor zorgen dat de leerlingen in de juiste groep worden ingedeeld. Sommige onderzoeken laten zien dat indeling in de verkeerde groep vooral problematisch is voor kinderen met een sociaal-economische achterstand. Zij lopen een groter risico dat ze op een te laag niveau worden ingedeeld, met negatieve effecten tot gevolg.

Achter het gemiddelde

De effecten voor het primair en voortgezet onderwijs zijn vergelijkbaar.

De effecten zijn vergelijkbaar voor lezen, rekenen/wiskunde en de natuurwetenschappelijk vakken.

Gelijke kansen bevorderen

Uit onderzoek komt naar voren dat leerlingen met een sociaal-economische achterstand te lijden kunnen hebben van lagere verwachtingen van de leraar, waardoor de kans groter wordt dat ze in een lagere niveaugroep worden geplaatst. Leerlingen in lagere niveaugroepen krijgen vaak les van leraren met minder ervaring en kwalificaties en ontwikkelen vaak een gebrek aan vertrouwen in hun eigen capaciteiten.

Differentiatie tussen klassen kan leiden tot negatieve zelfbevestigende voorspelling (selffulfilling prophecy’s) voor leerlingen met een sociaal-economische achterstand. Hun kansen op betere prestaties en succeservaringen worden belemmerd door de combinatie van lagere verwachtingen van de leraar en sociale stratificatie.

Er is ook enig bewijs dat leerlingen met een sociaal-economische achterstand vaker ten onrechte in een lagere niveaugroep worden ingedeeld.

Toepassingen

Het effect voor minder goed presterende leerlingen is doorgaans kleiner dan het algemene effect. Het gemiddelde aantal maanden leerwinst is negatief. Dat betekent dat minder goed presterende leerlingen in niveaugroepen gemiddeld ongeveer drie maanden minder vooruitgang boeken dan vergelijkbare leerlingen in klassen met een gemengd niveau.

Wel moet worden opgemerkt dat het aantal studies zeer beperkt en merendeels oud is. Ook verschillen de effecten per studie. Het feit dat de studies niet recent zijn kan betekenen dat ze niet representatief zijn voor de effecten die actuele aanpakken gericht op setting en streaming hebben op de leerprestaties.

Ondanks dit voorbehoud blijkt uit de onderzoeksresultaten dat de aanpak mogelijk schadelijk kan zijn. Het is daarom cruciaal dat scholen die setting en streaming toepassen goed nadenken over hoe ze het risico van een negatief effect voor minder goed presterende leerlingen gaan ondervangen.

Het gemiddelde effect van niveaugroepen voor goed presterende leerlingen is doorgaans gelijk aan, of iets groter dan, het effect voor leerlingen in het algemeen.

Wel moet worden opgemerkt dat het aantal studies zeer beperkt en merendeels oud is. Ook verschillen de effecten per studie.

Het feit dat de studies niet recent zijn kan betekenen dat ze niet representatief zijn voor de effecten die actuele aanpakken gericht op setting en streaming hebben op de leerprestaties.

Om rekening mee te houden

Differentiatie tussen klassen heeft tot doel de leerprestaties te verbeteren door ervoor te zorgen dat de inhoud van de lessen goed is afgestemd op de behoeften van de leerlingen en dat leerlingen in lagere niveaugroepen de juiste begeleiding krijgen. Gezien het zwakke bewijs, vereist een goede toepassing van deze aanpak dat wordt nagedacht over hoe de mogelijke risico’s van setting en streaming voor minder goed presterende leerlingen kunnen worden ondervangen. Daarvoor is onder andere het volgende belangrijk:

  • De toewijzing van leraren aan niveaugroepen moet zorgvuldig gebeuren, om er zeker van te zijn dat minder goed presterende leerlingen kwalitatief hoogwaardig onderwijs krijgen;
  • Er moet voortdurende monitoring plaatsvinden om ervoor te zorgen dat leerlingen in de juiste niveaugroep zitten en niet in een verkeerde groep zijn ingedeeld;
  • Het systeem moet flexibel zijn, zodat leerlingen van niveaugroep kunnen wisselen.

Differentiatie tussen klassen wordt doorgaans gedurende het hele schooljaar toegepast. De groepen worden meestal gevormd op basis van de leerprestaties in het voorafgaande jaar. Sommige scholen verplaatsen leerlingen in de loop van het schooljaar naar een andere groep.

Overstappen van klassen met een gemengd niveau naar setting en streaming, of juist andersom, is een grote verandering die een zorgvuldig implementatieproces vereist.

Wat zijn de kosten?

Onderstaande informatie is gebaseerd op internationale gegevens en geeft daarom slechts een indicatie van de kosten in Nederland. 

Groeperen op basis van niveau brengt weinig tot geen kosten met zich mee. Misschien zijn er extra leermiddelen nodig om verschillende groepen te kunnen ondersteunen. Over het algemeen worden de kosten als zeer laag ingeschat.

Hoe overtuigend is het bewijs?

De bewijskracht voor de effectiviteit van differentiatie tussen klassen is zeer beperkt. Er zijn 58 studies gevonden. Houd rekening met het volgende over de onderzoeken in dit overzicht:

  • Een klein percentage van het onderzoek is recent uitgevoerd. Dat kan betekenen dat het onderzoek niet representatief is voor de huidige praktijk.
  • Veel van deze onderzoeken zijn geen gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken. Hoewel een andere onderzoeksopzet zeker belangrijke informatie kan opleveren over de effectiviteit van een aanpak, bestaat het risico dat de resultaten zijn beïnvloed door onbekende factoren die geen deel uitmaken van de aanpak.

Net als bij andere overzichten laat de Toolkit het gemiddelde effect van een aanpak zien, op basis van wetenschappelijk onderzoek. Het is belangrijk om naar je eigen context te kijken en te vertrouwen op je oordeel als onderwijsprofessional wanneer je een aanpak wilt toepassen in jouw onderwijspraktijk.

Verder lezen


Mogen we je iets vragen?

Ga je deze informatie gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van deze pagina?
In welke onderwijssector werk je?

Wil je nog iets anders kwijt? Laat het ons weten via het feedback-formulier.

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Onderwijsprofessionals kiezen op basis van kennis en ervaring
Onderwijskennis.nl bundelt kennis uit onderzoek over de effectiviteit van aanpakken en werkwijzen in het onderwijs. Onderwijskennis.nl adviseert echter niet welke aanpakken scholen zouden moeten kiezen. Deze keuze is de verantwoordelijkheid van de onderwijsprofessionals zelf. Zij beoordelen op basis van hun kennis en ervaring welke aanpakken het beste passen bij het onderwijs dat zij geven.