Mondelinge taalvaardigheid

Zeer groot effect tegen zeer lage kosten op basis van sterk bewijs. Toelichting

Effect (in maanden)

+6

Bewijs

Kosten

Wat is het?

Bij gesprokentaalinterventies (ook wel spreekvaardigheidsinterventies of spreek- en luisterinterventies genoemd) wordt het belang van gesproken taal en verbale interactie in de klas benadrukt. Gesprekken maken hier deel vanuit.

Gesprokentaalinterventies zijn gebaseerd op het idee dat je het begrip en de leesvaardigheid kunt verbeteren via gesprekken in de klas over de inhoud, over het leerproces of over beide. De activiteiten zijn erop gericht de woordenschat, het verwoorden van ideeën en de mondelinge uitdrukkingsvaardigheden van de leerlingen te verbeteren.

Voorbeelden van activiteiten op het gebied van gesproken taal:

  • jonge kinderen hardop laten lezen en met hen in gesprek gaan over de gelezen boeken;
  • de gesproken woordenschat van de kinderen gericht vergroten;
  • gestructureerde vragen stellen om het leesbegrip te vergroten;
  • gebruikmaken van dialoog en interactie, gekoppeld aan de lesstof.

Gesprokentaalinterventies lijken enigszins op interventies die gebaseerd zijn op Metacognitie (waarbij praten over het leren wordt gestimuleerd in de klas) en Samenwerkend leren, waarbij leerlingen worden gestimuleerd tot interactie in groepjes.

Belangrijke bevindingen

  1. Het gemiddelde rendement van gesprokentaalinterventies is groot, namelijk zes maanden extra vooruitgang.
  2. Het is belangrijk dat gesproken taal wordt afgestemd op het huidige ontwikkelingsniveau van de leerlingen, zodat de interventie een aanvulling is op hun leerproces en aansluit op de lesstof.
  3. Door middel van training kunnen volwassenen leren om leerlingen  mondelinge  taalvaardigheden te demonstreren (modeling)  en uitbreiding van hun woordenschat te stimuleren.
  4. Sommige leerlingen kunnen moeite hebben met gesproken taal. Scholen moeten bedenken hoe zij kunnen vaststellen welke leerlingen aanvullende ondersteuning nodig hebben op het gebied van gesproken taal en uitdrukkingsvaardigheden. Soms helpt het om de aandacht te richten op het spreken en luisteren afzonderlijk, om aan specifieke behoeften tegemoet te komen.

Hoe effectief is deze aanpak?

Het gemiddelde effect van gesprokentaalinterventies is ongeveer zes maanden extra vooruitgang in een jaar tijd. Sommige studies geven ook aan dat door het werken met gesproken taal de sfeer in de klas verbetert en gedragsproblemen afnemen.

Interventies gericht op spreken, luisteren of een combinatie hiervan laten allemaal positieve effecten op de leerprestaties zien.

De meeste studies zijn gericht op leesvaardigheid. Het kleine aantal studies dat is gericht op rekenen/wiskunde en de natuurwetenschappelijke vakken laat een beperkt positief effect zien. Taalinterventies kunnen bij deze vakken worden gebruikt om te oefenen met vakspecifieke terminologie.

Uit het onderzoek in de Toolkit komt naar voren dat taalinterventies in de vorm van regelmatige sessies gedurende een langere periode over het algemeen een groter effect hebben. Ook interventies die een-op-een plaatsvinden hebben meer effect.

Achter het gemiddelde

De effecten in een voor- en vroegschoolse setting (+7 maanden) en in het basisonderwijs (+6 maanden) zijn over het algemeen groter dan in het voortgezet onderwijs (+5 maanden).

In het merendeel van de studies is gekeken naar het effect op de leesvaardigheid. Studies waarin andere vakken werden onderzocht, zoals rekenen/wiskunde en de natuurwetenschappelijke vakken, lieten een substantieel lager effect zien (+1 maand). Het aantal studies is echter erg klein.

Het effect van gesprokentaalinterventies ondersteund door of onder leiding van getrainde onderwijsassistenten (+6 maanden) is vergelijkbaar met het effect van interventies door leerkrachten/docenten.

Gesprokentaalinterventies in frequente sessies (drie keer per week of vaker) gedurende een langere periode zijn het meest succesvol.

Gelijke kansen bevorderen

Onderzoek wijst uit dat leerlingen met een lagere sociaal-economische status een groter risico lopen op achterstanden in hun vroege taalontwikkeling en spreekvaardigheid ten opzichte van leeftijdsgenoten met een hogere status. Dit kan in hun latere schoolcarrière van invloed zijn op hun schoolervaring en leren.

Gesprokentaalinterventies kunnen extra ondersteuning bieden aan leerlingen van wie de gesprokentaalontwikkeling achterblijft bij die van leeftijdsgenoten. De gerichte inzet van deze interventies kan leerlingen met een sociaal-economische achterstand daarom helpen om het verschil met hun medeleerlingen in te lopen, vooral wanneer de interventies een-op-een plaatsvinden.

Om rekening mee te houden

Uit onderzoek blijkt dat activiteiten die expliciet gericht zijn op het uitbreiden van de gesproken woordenschat het beste werken als ze gekoppeld worden aan de lesstof die op dat moment in de klas wordt behandeld en als nieuwe woorden actief en op een zinvolle manier worden gebruikt. Een aantal voorbeelden van effectieve activiteiten zijn:

  • leerlingen laten voorlezen en dan samen met de leerkracht/docent en medeleerlingen over het boek praten
  • demonstreren (modeling) van het stellen van gestructureerde vragen om tot een conclusie te komen
  • leerlingen in groepjes of tweetallen over iets laten nadenken
  • impliciete en expliciete activiteiten die leerlingen...

Bij al deze activiteiten is het cruciaal dat de gesprokentaalactiviteiten gekoppeld worden aan het bredere lesprogramma (bijvoorbeeld leerlingen door gesprokentaalactiviteiten vertrouwd laten raken met de technische taal in natuurwetenschappelijke lessen).

Gesprokentaalinterventies kunnen in een intensief programma van een paar weken worden toegepast, maar kunnen ook worden ontwikkeld voor een heel schooljaar. Frequente sessies (drie keer per week of vaker) gedurende een langere periode (zes weken tot drie maanden) zijn het meest succesvol.

Wat zijn de kosten?

Onderstaande informatie is gebaseerd op internationale gegevens en geeft daarom slechts een indicatie van de kosten in Nederland. 

Over het algemeen worden de De mediaan betekent de middelste in een reeks van waarden. De mediaan is over het algemeen een betere indicator bij geschatte kosten dan een gemiddelde.
voor het invoeren van gesprokentaalinterventies ingeschat als zeer laag. De meeste kosten voor gesprokentaalinterventies zijn voor boeken, materialen en training, en dit zijn grotendeels opstartkosten.

Hoewel de mediane kosten voor gesprokentaalinterventies als zeer laag worden ingeschat, kunnen deze kosten variëren van zeer laag tot gemiddeld wanneer ervoor wordt gekozen medewerkers extra training aan te bieden.

Geraadpleegde bronnen

De mediaan betekent de middelste in een reeks van waarden. De mediaan is over het algemeen een betere indicator bij geschatte kosten dan een gemiddelde.

Hoe overtuigend is het bewijs?

De bewijskracht voor gesprokentaalinterventies wordt als sterk aangemerkt. Er zijn 154 studies gevonden. Houd rekening met het volgende:

Een groot percentage van de studies is niet onafhankelijk geëvalueerd. Evaluaties die zijn uitgevoerd door organisaties die betrokken zijn bij de aanpak, commerciële aanbieders bijvoorbeeld, laten vaak een groter effect zien. Dat kan van invloed zijn op het totale effect van de aanpak.

Net als bij andere onderzoeksreviews laat de Toolkit het gemiddelde effect van aanpak zien, op basis van academisch onderzoek. Het is belangrijk om naar je eigen context te kijken en te vertrouwen op je oordeel als professional wanneer je een interventie wilt toepassen in jouw leeromgeving.

Verder lezen


Mogen we je iets vragen?

Ga je deze informatie gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van deze pagina?
In welke onderwijssector werk je?

Wil je nog iets anders kwijt? Laat het ons weten via het feedback-formulier.

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Onderwijsprofessionals kiezen op basis van kennis en ervaring
Onderwijskennis.nl bundelt kennis uit onderzoek over de effectiviteit van aanpakken en werkwijzen in het onderwijs. Onderwijskennis.nl adviseert echter niet welke aanpakken scholen zouden moeten kiezen. Deze keuze is de verantwoordelijkheid van de onderwijsprofessionals zelf. Zij beoordelen op basis van hun kennis en ervaring welke aanpakken het beste passen bij het onderwijs dat zij geven.