Een platform voor studenten en docenten, plus een grote verzameling lesmateriaal: daarin schuilt de kracht van Leerlevels, stelt ontwikkelaar Youssef El Bouhassani. Als docent aan de Hogeschool van Amsterdam zag hij dat studenten met verschillende niveaus de opleiding binnen kwamen, en daarna soms vastliepen of uitvielen. Met vriend en vo-docent Jonas Voorzanger bouwde hij op eigen initiatief de web-app Leerlevels: een geavanceerde website waarop leerlingen en studenten op hun eigen niveau konden oefenen. In eerste instantie bevatte het platform alleen materiaal voor natuurkunde.
Studenten en leerlingen kunnen in Leerlevels zelfstandig en met tussentijdse feedback door de leerstof werken. Ze krijgen instructie in verschillende vormen: van tekst tot een video, en van een infographic tot een lijstje meer keuzevragen om zichzelf te testen. Er zijn ook uitgebreidere, examenachtige opgaven waarin meerdere leerdoelen samenkomen.
Met kunstmatige intelligentie spoort de app hiaten in kennis op, waarna studenten oefenen met stof die ze nog niet beheersen. Voor docenten staan er kant-en-klare lessen en opdrachten in de app waarmee ze hun eigen curriculum samenstellen in een persoonlijke omgeving. Of ze passen bestaande lessenseries aan, die ze vervolgens delen met collega’s. Ook zien ze de scores van hun studenten, om daar weer nieuw lesmateriaal bij te zoeken. Zo ontstaat volgens El Bouhassani een opwaartse spiraal van bijspijkeren, evalueren en verdiepen. “Docenten kunnen Leerlevels het hele jaar inzetten als aanvulling op het reguliere programma. Geef je bijvoorbeeld les over mechanica, dan kun je instructievideo’s en oefeningen klaarzetten over krachten en beweging. In de les zelf ben je dan minder tijd kwijt aan de basisstof en heb je meer ruimte om te verdiepen.”
Boost
Toen het project een paar jaar liep, stuurde de HvA het initiatief in voor de Nederlandse Hogeronderwijspremie (nu Nederlandse Onderwijspremie, zie kader). Met succes: het duo won de eerste prijs ter waarde van 1,2 miljoen euro, bedoeld om het project een boost te geven. “Er stond destijds een degelijk platform, met een redelijke basis aan materiaal”, vertelt El Bouhassani. “Het zag er niet fancy uit, maar het deed wat het moest doen. We zagen veel kansen, maar omdat we alles in eigen tijd ontwikkelden, zetten we maar kleine stappen.”
De prijs bracht daar verandering in. Met het geld konden El Bouhassani en Voorzanger vier jaar lang allebei twee tot drie werkdagen per week worden vrijgeroosterd voor hun project. Ze richtten zich op drie doelen: het leermateriaal uitbreiden, de software doorontwikkelen en pilots opzetten en evalueren. Daarbij werkten ze samen met een kernteam van docenten en experts. Ook enkele studenten hielpen mee, bijvoorbeeld door van één test-jezelfvraag meerdere varianten te bedenken.
Duizend leerdoelen
Om de kwaliteit van Leerlevels te bewaken, kwam er een vast proces met meerdere feedbackrondes door ervaren docenten. Daarbij kwamen ook inzichten uit onderzoek van pas. “Gespreid leren werkt bijvoorbeeld goed om leerstof te onthouden. Daarom komen dezelfde onderwerpen meerdere keren terug en laten we studenten opschrijven wat ze van de uitleg hebben onthouden.” Zelf moesten El Bouhassani en Voorzanger van alle markten thuis zijn. “Neem het maken van een instructievideo: hoe spreek je tekst duidelijk en vlot in? Hoe zorg je dat het er aantrekkelijk uitziet? Daarover gaven we workshops aan collega’s.”
Nu, vijf jaar later, bevat Leerlevels niet alleen materiaal voor natuurkunde, maar ook voor rekenen, basiswiskunde, duurzaamheid en engineering. In totaal zijn er ruim duizend uitgewerkte leerdoelen. In het voortgezet onderwijs kun je Leerlevels gebruiken als volledige natuurkundemethode voor havo en vwo in alle leerjaren.
Wensen
Er werken nu zo’n honderd docenten in het voortgezet en hoger beroepsonderwijs met Leerlevels. Hun reacties zijn positief, vooral over de kwaliteit van het materiaal. Wensen zijn er ook. “We willen de software nóg meer versimpelen, zodat de app nog toegankelijker wordt.” Door de komende tijd meer pilots te organiseren hoopt El Bouhassani dat steeds meer docenten Leerlevels zullen gebruiken.
Heeft El Bouhassani tips voor collega’s die ook willen innoveren in het onderwijs, of straks de premie winnen? “Zorg dat je volledig wordt vrijgeroosterd om je op je project te focussen. Want als je ook moet lesgeven, zoals ik, gaat dat in de praktijk bijna altijd voor. En dan is vier jaar (de duur van de premie, red.) zo voorbij.” En specifiek voor winnaars van de premie: “Bereid je goed voor: hoe ga je het geld begroten over meerdere jaren? Hoe vertaal je dat naar FTE, en hoe bewaak en evalueer je de opbrengsten? Het is handig om daar advies over in te winnen, want het vraagt om een andere manier van denken.”
Ook meedingen naar de premie?
De Nederlandse Onderwijspremie (voorheen de Nederlandse Hogeronderwijspremie) is de hoogste onderscheiding in het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs. In 2022 nam het NRO (nu Nationaal Kennisinstituut Onderwijs) de prijs over van het ministerie van OCW. Het totale prijzengeld van 7,5 miljoen euro wordt jaarlijks verdeeld over maximaal negen onderwijsteams (drie teams per sector: mbo, hbo en wo) die de afgelopen zes jaar een initiatief hebben ontwikkeld dat tot innovatie in het onderwijs heeft geleid. De premie is een blijk van waardering én een impuls voor onderwijsvernieuwing en -verbetering.
Ook meedoen? Een project voordragen voor ronde 2027 kan tot en met 29 oktober 2026.
Lees meer over de Nederlandse Onderwijspremie