Wat is bekend over taal- en leesonderwijs in het so?
De groep van leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften (SEN: Special Educational Needs) is divers. Voor een deel van de leerlingen met SEN kan het lastig zijn om taal en lezen te leren. Vaak zijn er geen pasklare leermiddelen voorhanden en vergt het geven van instructie meer tijd en inzet.
Leraren en andere professionals in het speciaal onderwijs kunnen hun taal- en leesonderwijs aanpassen voor leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften op verschillende niveaus:
- hoge, realistische verwachtingen die voortkomen uit de gedachte dat álle leerlingen vooruitgang kunnen boeken;
- aandacht voor alle taaldomeinen met aandacht voor mondelinge en schriftelijke taal in een geïntegreerd aanbod;
- inzet van bewezen effectieve aanpakken, met in het bijzonder meer herhaling, expliciete vormen van instructie, visualisaties en andere aanpassingen van het didactisch handelen en de leeromgeving;
- sterke en zwakke vaardigheden van leerlingen in kaart brengen, het taal- en leesaanbod daarop aanpassen en vervolgens zicht houden op de ontwikkeling van leerlingen;
- de inrichting van de klas ondersteunt het leren en de klasorganisatie is flexibel: individuele instructie en oefening wordt afgewisseld met groepsinstructie en coöperatieve werkvormen, waarbij de leerlingen in wisselende samenstellingen samenwerken;
- onderwijs aan leerlingen met SEN is een team effort. Daarvoor zijn duidelijke afspraken over de inhoud en vorm van instructie en de taakverdeling in de ondersteuning van de leerlingen nodig.