Student als change agent: op weg naar een participatieve aanpak

  • Hoger onderwijs
  • Studenten die niet lekker in hun vel zitten, kunnen uitvallen en uiteindelijk moeilijker een baan vinden. In dit project leren studenten vaardigheden aan om actieve agents te worden.

    Bijdrage van Velibor Peters (HAN University of Applied Sciences) Meer informatie

    Gepubliceerd:

    Studenten leren oog te hebben voor zichzelf en voor anderen

    Recent is er veel aandacht voor studentenwelzijn, studieverzuim en studievertraging. Het welzijn van studenten is namelijk erg laag momenteel en de percentages studieverzuim en studievertraging zijn hoog. Ze kunnen tot gevolg hebben dat studenten uitvallen en een kleinere kans hebben op de arbeidsmarkt. Daarom is het belangrijk dat studenten leren hun eigen welzijn te versterken. Om dit soort interventies effectief te laten zijn, is een participatieve benadering essentieel. Daarin worden studenten actieve agents in het welzijnsproces van henzelf en dat van hun medestudenten.

    Daarnaast is er een accentverschuiving nodig van nazorg en preventie naar interventies die daaraan voorafgaan (amplitie). Kansrijk hiervoor is de leer- en werkomgeving van het hbo uitgaande van de Whole school-whole community-whole child-benadering Lewallen, T. C., Hunt, H., Potts‐Datema, W., Zaza, S., & Giles, W. (2015). The whole school, whole community, whole child model: A new approach for improving educational attainment and healthy development for students. Journal of School Health, 85(11), 729-739.

    Vanwege deze aanleidingen, is het doel van dit project om studenten met een versterkt studentenwelzijn succesvol hun opleiding af te laten ronden. Daarnaast is het doel om studenten bruikbare vaardigheden aan te leren die zij nodig hebben voor hun huidige en voor hun toekomstige professioneel handelen. Zij leren ook oog te hebben voor vragen en behoeften van anderen.

    Voortbouwen op participatieve technieken, amplitie en positieve gezondheid

    Om dit doel te bereiken is tijdens het project gebruikgemaakt van participatieve technieken om agency en de positieve gezondheid van studenten te bevorderen. Het idee is dat hiermee zowel studenten hun welzijn als hun prestaties verhogen.

    De projectgroep heeft voortgeborduurd op eerder werk. Voor de participatieve technieken is dit het eerdere werk van Boonekamp en collega’s Boonekamp, G. M., Dierx, J. A., Van Hove, P., & Jansen, E. (2020). Interactive interviewing and imaging: engaging Dutch PVE-students in dialogue. Educational Action Research, 28(5), 807-822.
    De projectgroep heeft gebruikgemaakt van de evidence-based participatieve technieken Photovoice en Structured Interview Matrix (SIM). Daarnaast vormde het werk van Huber en Ouweneel de basis voor amplitie en positieve gezondheid Huber, M., Knottnerus, J. A., Green, L., van der Horst, H., Jadad, A. R., Kromhout, D., Leonard, B., Lorig, K., Loureiro, M.I., van der Meerm J.W.M., Schnabel, P., Smith, R., van Weel., C. & Smid, H. (2011). How should we define health? British Medical Journal, 343, d4163. doi:10.1136/bmj.d416
    Ouweneel, E., Schaufeli, W., & Le Blanc, P. (2009). Van Preventie naar amplitie: interventies voor optimaal functioneren. Gedrag & organisatie, 22(2).

    Online tools voor SIM-sessie en monitoren

    De leden van de projectgroep hebben op verschillende manieren online gewerkt en online tools gebruikt. Ten eerste is voor de Structured Interview Matrix-sessie (SIM-sessie) een online variant ontwikkeld. Binnen een SIM-sessie interviewen studenten elkaar op thema’s en abstraheren zij data uit de interviews in fases. Oorspronkelijk zou deze SIM-sessie fysiek zijn, omdat dit beter is voor interactie. Maar door corona moest het online plaatsvinden. Dit bleek goed werkbaar met de gangbare vergadersoftware. Ten tweede heeft de projectgroep een online tool ontwikkeld om effecten te meten en voor toekomstige monitoring.

    Externe factoren hebben negatieve én positieve gevolgen

    Tijdens het ontwikkel- en implementatieproces heeft de projectgroep een aantal obstakels ervaren. Die obstakels werden grotendeels veroorzaakt door externe factoren. Bijvoorbeeld door een (noodzakelijke) aanpassing aan het curriculum. Ook was de coronapandemie een obstakel, omdat hierdoor het tijdstip en de vorm van de implementatie aangepast moesten worden. Tevens zorgde de pandemie ervoor dat het een uitdaging werd om studenten en docenten te motiveren.

    Maar deze beperkingen hadden ook positieve gevolgen. De projectgroep kreeg bijvoorbeeld medewerking voor de aanpassingen van de SIM-sessies in een online-variant. Daarnaast bevorderde een nieuwe onderwijseenheid binnen het afstudeerprogramma de inzet van Photovoice/SIM om eigenaarschap van studenten te stimuleren.

    Meer aandacht, producten, kennis en ‘spin-off-opbrengsten’

    De projectgroep heeft het project op verschillende manieren geëvalueerd. Er zijn bijvoorbeeld semigestructureerde interviews afgenomen bij studenten. Daarnaast is er een focusgroep georganiseerd met betrokken docenten. De belangrijkste resultaten hieruit waren:

    • Meer aandacht voor studentagency en amplitie en een attitudeverandering onder directie, docenten en studentcoaches.
    • Gevarieerde studentproducten. Hieronder vallen Bachelor- en Master afstudeerartikelen en producten.
    • Kennis over eigenaarschap van studenten rondom hun welzijn.

    Hiernaast zijn er opbrengsten die buiten de projectdoelen vielen, de zogenoemde ‘spin-off-opbrengsten’. Een voorbeeld hiervan is een academiebrede werkgroep studentenwelzijn. Hierin krijgt het systeem van studentenbegeleiding meer nadrukkelijke aandacht en de plek ervan in het curriculum. Ook is er meer aandacht voor de docenten/begeleiders als startpunt van een verandering, bijvoorbeeld binnen organisatie-aspecten als curricula en professionalisering. Een extra impuls is dat de HAN binnen haar nieuwe koersplan inzet op de strategische pijler ’De student als reflectieve maatschappelijk betrokken wereldburger’, waarbij uitkomsten uit dit project meegenomen worden.

    Succes door stabiele verankering en door participatie van docenten

    De projectgroep heeft twee aanbevelingen voor andere docenten die studentenwelzijn willen verhogen via de participatieve benadering:

    • De eerste aanbeveling is om te zorgen voor een stabiele verankering in het curriculum en voor studentbegeleiding in betrokken jaarlagen. Een systemische verandering lijkt namelijk noodzakelijk om een pedagogisch model te ontwikkelen en te implementeren.
    • De tweede aanbeveling is om te zorgen voor participatie van docenten en leidinggevenden bij de implementatie van de participatieve technieken. Om hulpbronnen te genereren voor de implementatie, kan dezelfde SIM-methodiek gebruikt worden. Dit bevordert zowel de kennis, attitude en vaardigheden rondom de methodiek onder docenten als de borging.

    Kennis duurzaam ingezet via werkgroep en strategisch beleid

    Binnen de HAN worden de resultaten uit dit project breder en duurzaam ingezet. De HAN ontwikkelt bijvoorbeeld handleidingen voor als opleidingen een follow-up van participatieve technieken willen. Daarnaast neemt de HAN de resultaten mee in de ontwikkeling en implementatie van een gedragen visie op hoe studenten pedagogisch te benaderen. Ook is er een werkgroep studentenwelzijn gestart en voeren Masterstudenten onderzoeken uit die zich richten op de methodiek en de attitudeverandering van docenten.

    Verbreding van de resultaten heeft tevens plaatsgevonden via andere academies en lectoraten. Zij zetten agency in om studentenwelzijn te verbeteren. Hierbij nemen zij ook het ontwikkelde monitoringsinstrument mee waarin Student Agency is geoperationaliseerd om op kwantitatieve wijze te kunnen meten. Dit wordt in de toekomst een zelfreflectie-instrument in het studentcoachtraject. Ten slotte worden de uitkomsten duurzaam ingezet doordat ze worden geïntegreerd in de HAN-brede strategische beleidslijnen en in andere initiatieven rondom studentenwelzijn.

    Literatuur

    • Boonekamp, G. M., Dierx, J. A., Van Hove, P., & Jansen, E. (2020). Interactive interviewing and imaging: engaging Dutch PVE-students in dialogue. Educational Action Research, 28(5), 807-822.
    • Boonekamp, G., Jansen, E., O'Sullivan, T., Dierx, J., Lindström, B., Pérez-Wilson, P., & Álvarez-Dardet Díaz, C. (2022). The need for adolescents' agency in salutogenic approaches shaping physical activity in schools. Health promotion international, 37(1), daab073. https://doi.org/10.1093/heapro/daab073
    • Huber, M., Knottnerus, J. A., Green, L., van der Horst, H., Jadad, A. R., Kromhout, D., Leonard, B., Lorig, K., Loureiro, M.I., van der Meerm J.W.M., Schnabel, P., Smith, R., van Weel., C. & Smid, H. (2011). How should we define health? British Medical Journal, 343, d4163. doi:10.1136/bmj.d416
    • Kuczynski, L. (2003). Beyond bidirectionality: Bilateral conceptual frameworks for understanding dynamics in parent-child relations. Handbook of dynamics in parent-child relations, 3-24.
    • Lewallen, T. C., Hunt, H., Potts‐Datema, W., Zaza, S., & Giles, W. (2015). The whole school, whole community, whole child model: A new approach for improving educational attainment and healthy development for students. Journal of School Health, 85(11), 729-739.
    • Ouweneel, E., Schaufeli, W., & Le Blanc, P. (2009). Van Preventie naar amplitie: interventies voor optimaal functioneren. Gedrag & organisatie, 22(2).

    Producten vanuit het project

    • Handleiding voor Photovoice en  Structured Interview Matrix (SIM): live versie.
    • Handleiding voor Structured Interview Matrix (SIM): online versie.
    • Meetinstrument Agency in de ‘salumeter’.

    Geraadpleegde bronnen

    Lewallen, T. C., Hunt, H., Potts‐Datema, W., Zaza, S., & Giles, W. (2015). The whole school, whole community, whole child model: A new approach for improving educational attainment and healthy development for students. Journal of School Health, 85(11), 729-739.
    Boonekamp, G. M., Dierx, J. A., Van Hove, P., & Jansen, E. (2020). Interactive interviewing and imaging: engaging Dutch PVE-students in dialogue. Educational Action Research, 28(5), 807-822.
    Huber, M., Knottnerus, J. A., Green, L., van der Horst, H., Jadad, A. R., Kromhout, D., Leonard, B., Lorig, K., Loureiro, M.I., van der Meerm J.W.M., Schnabel, P., Smith, R., van Weel., C. & Smid, H. (2011). How should we define health? British Medical Journal, 343, d4163. doi:10.1136/bmj.d416
    Ouweneel, E., Schaufeli, W., & Le Blanc, P. (2009). Van Preventie naar amplitie: interventies voor optimaal functioneren. Gedrag & organisatie, 22(2).

    Comenius Senior Fellowship 2019

    Bijdrage van

    Velibor Peters

    Velibor Peters

    Lecturer

    HAN University of Applied Sciences

    Mogen we je iets vragen?

    Ga je deze informatie gebruiken in het onderwijs?
    Wat vind je van de leesbaarheid van deze pagina?
    In welke onderwijssector werk je?

    Wil je nog iets anders kwijt? Laat het ons weten via het feedback-formulier.

    Privacyverklaring

    Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

    Gerelateerd in de kennisbank

    • Handvat

      Docenten ontwikkelen tot onderzoeksbegeleider

      ho

      Goede begeleiding en beoordeling van hbo-studenten die praktijkgericht onderzoek doen, vraagt van docenten andere competenties. Lees meer over ontwerprichtlijnen voor professionalisering.

      Download van HBO kennisbank
    • Placeholder Onderwijskennis.nl

      Verdiepende bron

      Blended learning implementeren: twee modellen

      ho

      Veel managers en bestuurders in het hoger onderwijs werken aan een nieuwe visie op blended learning. Lees meer over de randvoorwaarden voor implementatie op grote schaal.

      Lees verder bij LinkedIn
    • Placeholder Onderwijskennis.nl

      Verdiepende bron

      Verkennend onderzoek naar technologierijke learning spaces

      ho

      Online en blended onderwijs stellen andere eisen aan de fysieke en digitale leeromgeving. Onderzoek laat zien waar deze aan moet voldoen om verschillende leerdoelen te ondersteunen.

      Lees verder