Hoewel het Nederlandse onderwijssysteem in theorie goede mogelijkheden biedt voor stapsgewijs opstromen binnen de beroepskolom, zijn in de praktijk de problemen bij de doorstroom groot. Overgangsmomenten in schoolloopbanen zijn kwetsbaar. Bij de overgang van vmbo naar mbo en van mbo naar hbo vallen dan ook veel leerlingen en studenten uit, namelijk zo’n 15 procent in het eerste leerjaar. Verschillende onderwijsinstellingen in het vmbo, mbo en hbo hebben de samenwerking gezocht om dit probleem aan te pakken.
Creëren van doorstroominterventies
In dit praktijkonderzoek is ingezet op regionale samenwerking van vmbo-, mbo- en hbo-instellingen. De Christelijke Onderwijsgroep Gelderland (COG), het Graafschap College en de HAN University of Applied Sciences hebben samen met onderzoekers van KBA Nijmegen, Oberon en de HAN maatwerkinitiatieven ontwikkeld om de doorstroom tussen vmbo, mbo en hbo te verbeteren. Om aan te sluiten bij de behoeften van studenten en docenten hebben docenten en onderwijsmedewerkers die dicht bij de studenten en de onderwijsproblematiek staan deze initiatieven ontwikkeld. Uiteindelijk zijn er vijf evidence-informed, kleinschalige, lokale interventies ontwikkeld en uitgevoerd:
- Om vmbo-leerlingen te helpen de juiste mbo studie te kiezen, en daarmee de uitval in het mbo te verminderen, is er eind vmbo 3 een speeddatesessie georganiseerd tussen studenten en beroepsbeoefenaars en een stagemarkt.
- Om de doorstroom tussen opleidingen vmbo- en mbo logistiek te verbeteren en de opleidingsduur te verkorten, is er gezorgd voor een doorlopende leerlijn tussen beide opleidingen.
- Docenten die het vak ‘loopbaanoriëntatie en begeleiding’ (LOB) geven hebben een digitale knapzak met instrumenten ontwikkeld. Met deze instrumenten kunnen docenten tijdens LOB mbo-studenten helpen zich te oriënteren op hun toekomst.
- Om mbo-studenten een realistisch beeld te geven van het hbo en daarmee de overstap te vergemakkelijken, hebben hbo-studenten een survival-dag georganiseerd voor mbo-studenten.
- Om de kennis van mbo-docenten over het hbo en van hbo-docenten over het mbo te verbeteren, is er voor hen een uitwisselingsprogramma georganiseerd. Doel is doorstromers beter te informeren en te helpen.
Wat heeft het opgeleverd?
Er is een procesevaluatie gehouden en elk ontwerp is (tussentijds) geëvalueerd en teruggekoppeld naar het ontwerpteam. De studenten hebben de interventies die het meest direct op hen waren gericht, de hbo-survival-dag en het speeddaten/de stage(markt), positief ontvangen. De deelnemende docenten hebben de docentenuitwisseling ook positief beoordeeld.
De digitale Knapzak met instrumenten voor LOB voor docenten is redelijk positief ontvangen, maar wordt weinig gebruikt en lijkt hiermee toch niet voldoende te voorzien in een vraag van docenten. De doorlopende leerlijn logistiek is een beproefde methode om de vmbo-mbo doorstroom te verbeteren. De doorlopende leerlijn is nog in ontwikkeling, maar er hebben al studenten deelgenomen aan het traject en de uitval is laag geweest, ondanks corona. Naast dat studenten meer centraal stonden in de gekozen aanpak is de verbinding tussen het mbo en hbo verbeterd. Door deel te nemen aan een ontwerpteam hebben de mbo-docenten meer geleerd over het hbo-onderwijs en vice-versa, en zijn samenwerkingen ontstaan.
Aanbevelingen voor de praktijk:
Studenten bevragen heeft een grote meerwaarde bij het ontwikkelen van een doorstroominterventie. Het is aan te bevelen om studenten in verschillende fasen van het ontwerp te betrekken, in ieder geval bij de probleemverkenning (waar zeggen studenten zelf het meest tegenaan te lopen bij de overstap?) en bij het ontwerp (sluit het ontworpen initiatief voldoende aan op de ervaringen van studenten?). Daarbij is het van belang dat de docenten worden meegenomen in het proces, zodat de interventies aansluiten bij de behoeften van zowel de studenten als docenten. De ontmoeting tussen docenten bleek op zich al waardevol. Dit kan verder gestimuleerd worden door hier voldoende aandacht aan te besteden in de beginfase van de designteams. Elkaar en elkaars wereld leren kennen, is een belangrijke eerste stap in de samenwerking. De diversiteit van de doorstroominitiatieven toont de behoefte aan maatwerk aan. Dat kunnen specifieke activiteiten/interventies zijn naast bredere aanpakken vanuit de onderwijsinstellingen.
Inbedding in de organisatie is belangrijk voor verduurzaming van de doorstroominitiatieven. Denk aan aansluiten bij een intern netwerk dat zich bezighoudt met doorstroom of een persoon die dit thema als aandachtsgebied heeft binnen de instelling of het cluster. Bij initiatieven gericht op oriëntatie/LOB heeft het meerwaarde om docenten en studenten hier zelf een actieve rol in te laten spelen zodat het iets wordt van de opleidingen zelf. Facilitering voor studenten en docenten is hierbij van belang.