Aandacht voor de individuele jurist
In Nederland is het rechtenonderwijs traditioneel primair gericht op het leren van de normatieve en institutionele aspecten van het recht: het rechtssysteem, de rechtsinstrumenten, hun samenhang en de toepassing van het recht. Bij aankomend artsen hoort bijvoorbeeld een uitgebreid onderwijsprogramma van beroepsreflectie, inclusief ethiek, het oefenen van cliëntgesprekken en co-schappen. Daarentegen gaat het bij de rechtenstudie steeds primair om de kennis van het recht.
In de afgelopen jaren is erkend dat ook de maatschappelijke context waarbinnen het recht zich ontwikkelt en externe wetenschappelijke perspectieven van groot belang zijn om het recht te begrijpen en te evalueren. Er ontbrak een focus op de individuele jurist, en het verschil dat zij kunnen maken; de rol en verantwoordelijkheid van juristen. Zowel uit de rechtswetenschap, als uit de praktijk (bijvoorbeeld naar aanleiding van de Toeslagenaffaire) klinkt steeds vaker de roep om meer aandacht voor de individuele jurist en de reflectie vanuit rechtsethische theorie op de uitoefening van de rol van legal professional. Het doel van het ervaringsonderwijsprogramma van de Amsterdam Law Practice (ALP) is om dit tot stand te brengen.
Ervaringsonderwijs opschalen
Bij de ontwikkeling van het ervaringsonderwijsprogramma heeft het team zich uitgebreid georiënteerd op ‘clinical education’ en ‘experiential education’, ontwikkeld door toonaangevende law schools in de VS. Het werk van de filosoof John Dewey is een grote inspiratiebron geweest. Ook is er geput uit de inmiddels rijke verzameling van academische literatuur over de inrichting en het effect van ervaringsonderwijs voor juristen in de VS. Er zijn werkbezoeken afgelegd naar onder meer Berkeley School of Law, Stanford Law School, UCLA Law, Hastings Law School, Irvine School of Law. Daarnaast zijn via workshops docententeams in de gelegenheid gesteld om te leren van buitenlandse ervaringen.
In de pilotfase is voor alle docenten een ‘ervaringsonderwijs bootcamp’ georganiseerd en er zijn meerdere intensieve bijeenkomsten geweest met de individuele docenten. Regelmatig worden docentenbijeenkomsten georganiseerd met interne en externe sprekers voor het uitwisselen van best practices. Bij de ontwikkeling van het programma van de Amsterdam Law Practice is gekozen voor een gelaagde aanpak. De modules zijn ‘bottom-up’ opgebouwd door de vakcoördinatoren onder deskundige begeleiding vanuit het ALP-team. De Amsterdam Law Clinics en een groot stageprogramma met een onderliggende collegereeks, zijn centraal opgestart in aanvulling op het aanbod in de masters. Ze bieden respectievelijk meer dan 100 en ruim 120 studenten per jaar een plek.
Voor de toekomst blijft de grootste uitdaging om dit onderwijs, dat juist zo gericht is op de individuele ontwikkeling van studenten, op te schalen naar grote groepen studenten. Op deze manier zal het programma al in de bacheloropleiding van start kunnen gaan en kunnen studenten hier ook een langere ontwikkelingslijn in doormaken.
Kwalitatieve benadering van toetsen
De impact van het programma van de Amsterdam Law Practice voor studenten illustreren we met enkele citaten uit studententestimonials:
“De vraag 'wat voor jurist wil ik zijn' is in mijn ogen belangrijk, omdat het zowel een individuele als maatschappelijke vraag is. Individueel in de zin van, 'hoe zit ik in elkaar en wat vind ik belangrijk', maar ook maatschappelijk (stel ik wil een creatieve advocaat zijn die de grenzen van de wet opzoekt, wat voor effect heeft dat op de maatschappij?). […] dit zet je ook bij andere vakken aan het denken.”
“Je leert niet alleen denken vanuit de bestaande rechtsregels waarin alles duidelijk en voor de hand liggend lijkt, maar dat het ook om mensenwerk gaat.”
Voor de juridische faculteit heeft het programma invloed gehad op de ontwikkeling van vernieuwende vormen van interactief onderwijs en toetsing. Bij het laatste gaat het om het gebruik, de ontwikkeling en uitbreiding van toets rubrieken. Hierdoor is een meer kwalitatieve benadering van het toetsen van juridische kennis in algemene zin mogelijk gemaakt. Daarnaast heeft het ook aan de kant van docenten/onderzoekers tot een bijzondere community of learning geleid.
De evaluatie van het onderwijs vindt plaats in de reguliere PDCA-cyclus (Plan-Do-Check-Act) van de UvA. Daarbij wordt er gebruik gemaakt van de systematiek van UvA Q (vak- en curriculumevaluaties). Ook zijn de docent- en studentervaring en de ervaring van betrokken partijen uit het veld (zoals maatschappelijke organisaties, beroepsorganisaties, advocatenkantoren) in kaart gebracht. Dit is gedaan door het gebruik van studentenpanels, docentevaluaties en andere specifieke middelen.
Er loopt een meerjarig onderwijspraktijkgericht onderzoeksproject naar de effecten van de invoering van ervaringsonderwijs. Dit wordt gefinancierd via het NRO-programma voor Praktijkgericht Onderzoek in het Hoger onderwijs (300k voor onder meer een postdoc onderzoeker). Hierbij wordt samengewerkt met Onderwijswetenschappen van de UvA, HBO-Rechten van de Hogeschool van Amsterdam en het opleidingsinstituut voor rechters en officieren van justitie SSR. De eerste uitkomsten worden mid-2022 verwacht.
Tips voor de onderwijspraktijk
Verdiep je, en respecteer de bestaande onderwijspraktijk, de vakgebieden en de mensen, als haakje voor elke verandering. Praat met elkaar, laat je inspireren en maak fouten, wacht niet te lang en begin.
Producten en documentatie
Een greep uit de publicaties op basis van de output van de Amsterdam Law Clinics:
- ‘Rechtenstudenten UvA helpen slag toe te brengen aan sjoemelsigaret’, Mr. Online, 22 februari 2022,
- ‘Super-protections” for corporations’, Centre for Research on Multinational Corporations (SOMO), 16 maart 2021,
- Ludivine Guyot, Marie Favier and Abigail Hedges, ‘Post-sale services in the arms trade: overlooked and underregulated’, 27 mei 2021,
- Annelot Vink, Jesper Vaarwerk, Magdalena D Cichy and Sylwester S Pyrkowski, ‘Labour Exploitation of Polish Migrant Workers in the Netherlands’, 27 juni 2021, rapport over arbeidsuitbuiting van Poolse arbeidsmigranten in Nederland
De E-learning, die wordt gebruikt ten behoeve van docentprofessionalisering.
Literatuur
- Brooks, S.L., ‘Meeting the Professional Identity Challenge in Legal Education Through a Relationship-Centered Experiential Curriculum’, 41 Baltimore Law Review (2012).
- Dewey, J., Experience And Education (Reprint edition 1997, Free Press 1938). Reprint edition of 2015.
- Grant, E., Simpson, S. and Terry, K., Experiential Education in the Law School Curriculum. (Carolina Academic Press, 2017).
- Moliterno, J.E., ‘Legal Education, Experiential Education, and Professional Responsibility’, 38 William & Mary Law Review (1996).
- Sullivan, W. M. & others, ‘Educating Lawyers, Preparation for the Profession of Law’ (Carnegie Foundation for the Advancement of Teaching, San Francisco: Jossey- Bass/Wiley, 2007).
- Thomson, David, ‘Defining Experiential Legal Education’, 1 Journal of Experiential Learning (2015).